cmda-bt / cmda-bt/fe-course-20-21
H15 & H18 samenvatting
- Dominant language
- No language data
- Stars
- 30
- Forks
- 2
- PR merge metrics
- No merged PRs in 30d
Description
- Chapter 15: Handling events
Door middel van event handlers kan je de website interactief maken. Stel je wilt dat er iets gebeurd wanneer de gebruiker op een knop klikt. In dit geval gebruik je een event handler en die spreek je aan met ‘addEventListener’.
Hallo.addEventListener(“click”, () => {
Console.log(“Hallo Daar”);
};
Als meerdere event handlers elkaar overlappen kan je een bepaald event voorrang geven. Dit doe je door propagation toe te passen (propagate outward.
Key events zijn events die te maken hebben met het toetsenbord. Wanneer een toets ingedrukt wordt geeft de browser ‘keydown’ aan en zodra je hem loslaat geef de browser ‘keyup’ aan.
window.addEventListener("keydown", event => {
if (event.key == "v") {
document.body.style.background = "violet";
}
});
window.addEventListener("keyup", event => {
if (event.key == "v") {
document.body.style.background = "";
}
});
Pointer events worden op twee verschillende manier gebuikt, mice en touchscreens. Deze twee kan je ook weer onderverdelen. ‘Mouse clicks’ zijn events die vergelijkbaar zijn met key events. Het geeft vooral te maken met het klikken op een muis/trackpad. ‘Mouse motion’ zijn
’touch events’, deze zijn vergelijkbaar met mouse events, alleen gebruik je deze specifiek voor een telefoon of een tablet.
‘Scroll events’, deze kan handig zijn als je bijvoorbeeld progressie, die door middel van scrollen wordt geboekt, wilt laten zien.
‘Load event’, Een beforeunload event zorgt ervoor dat de gebruiker een pop up gebruikt zodra hij een pagina verlaat. Je wilt niet dat gebruikers hun werk verliezen zonder het op te slaan. Wegens deze reden bestaat deze functie
- Chapter 18: HTTP and Forms
Port 80 is de standaard port waar http op draait.
Als een gebruiker een request op het web doet ziet hij een stukje code. De code begint met de methode ‘GET’. Deze ‘GET’ methode houdt in dat je een bepaalde bron wilt ophalen. De ‘POST’ methode houdt in dat er informatie wordt gestuurd naar de server. GET gebruik je vooral bij het opvragen van een website en POST gebruik je vaak bij een formulier/
De server reageert op een request als eerst met een drie-cijferig nummer. Dit nummer geeft een bepaalde status weer. Status codes die beginnen met een twee geven aan dat de aanvraag succesvol is verlopen. Wanneer de code begint met de vier geeft de server aan de request niet uit te kunnen voeren.
Fetch is een interface waar javascript HTTP requests kan doen.
Het maken van HTTP aanvragen in web pagina scripts, garandeert niet volledige veiligheid. Browsers beschermen ons hiervoor d.m.v. scripts verbieden om aanvragen naar andere domeinnamen te doen. Dit principe noem je HTTP sandboxing.
HTTPS zorgt ervoor dat gevoelige informatie veilig gesteld wordt. Denk aan info zoals: wachtwoorden, bankgegevens etc.
gebruik je voor het maken van een formulier. Je maakt gebruik van field types binnen de form tag, denk aan: text, password, radio. Deze filed types kan je ook buiten de form tag gebruiken. Form fields kunnen keyboard focus krijgen.
Contributor guide
No contributing guide indexed for this repository
Research direction
No file, test, or documentation entry point is named. First clarify whether the chapter summaries are meant to be added or corrected, then locate the documentation section for Chapters 15 and 18. Done means the requested summaries are present, accurate, and consistent with the surrounding course material.
Written by the indexing model from the issue text.
Assessment
- Tech stack
- html, javascript
- Domain
- documentation
- Issue type
- Documentation
- Difficulty
- 3/5
- Estimated time
- 1-2 days
- Activity status
- Stale
- Clarity
- Needs clarification
- Newbie friendliness
- 20/100